Merovingische en Karolingische Rijk

Gedurende de 3e en 4e eeuw werden de Romeinse grenzen voortdurend geconfronteerd met invasies van Germaanse stammen. Het door economische crises en interne machtsstrubbelingen ernstig verzwakte West-Romeinse Rijk bleek hier niet tegen opgewassen. Gedurende de 5e eeuw werd Rome meerdere malen geplunderd en na 476 werd er geen nieuwe keizer meer benoemd.

Het nieuwe bestuur viel in handen van de Germaanse stammen, waaronder de Visi-Gothen in Spanje en de Vandalen in Noord Afrika. Het noorden van Frankrijk viel in handen van de Salische koning Clovis (466-511), die er na een reeks veldtochten in slaagde om alle Franken in zijn rijk te verenigen. Hiermee stichtte hij het Merovingische rijk, vernoemd naar zijn voorvader, de half-mythische Frankische koning Merovech (447-454).

In de eeuwen na de dood van Clovis viel het rijk weer uiteen. Uiteindelijk werden de Merovingische koningen vervangen door de Karolingen, de afstammelingen van hofmeier Karel Martel. In de 8e eeuw was het diens kleinzoon, Karel de Grote (768-814), die het Karolingische rijk tot het machtigste in Europa maakte. Op zijn hoogtepunt heerste hij over vrijwel geheel Frankrijk en grote delen van Duitsland, Nederland en Italiƫ.